‘It’s not only for survivors finding their voice. It is also about society finding the compassion to listen’
– Bron onbekend
Praten helpt, zeggen mensen om je heen. Maar wat als je geen woorden hebt?
De discussie over hervonden herinneringen is al decennia beladen en gepolariseerd. Wat als herinneringen aan seksueel misbruik niet in woorden of in een logisch verhaal passen? Wat als ze slechts in flarden terugkomen — een geur, een kleur, een geluid — zonder dat ze direct herleidbaar zijn naar een concreet moment? Als de betrouwbaarheid ervan wordt betwijfeld?
Durf dan nog maar eens te spreken.
Deze controverse drijft mij, omdat de discussie die al zo lang woedt, mij en vele anderen raakt. Ik ken de verwarring en het gevoel een groot, maar woordeloos trauma met me mee te dragen. Ik ken het onvermogen om herinneringen samenhangend na te vertellen — en ik worstelde lang met de vraag: Wie gelooft mij?
Trauma wordt niet altijd chronologisch of volledig opgeslagen. In een staat van overleving schakelt het brein over op instinct, waardoor herinneringen gefragmenteerd raken of tijdelijk verdwijnen. Dissociatie is een overlevingsmechanisme waarmee het brein extreme stress kan verdragen. Dit maakt spreken over trauma complex, zeker in een wereld die snelle, eenduidige antwoorden verwacht.
Mijn naam is haas creëert tijd, ruimte en aandacht voor deze complexiteit. Met multimediaal werk — waar tekst, beeldende kunst en compositie samenkomen — zoeken we naar grip op het ongrijpbare. We stellen de vraag: Kunnen we ook geloven wat we niet kunnen begrijpen?
Kunst helpt het onzegbare te verbeelden en opent de deur naar een dialoog. In een wereld waarin complexe zaken vaak in behapbare quotes worden gevangen, zoekt Mijn naam is haas naar een beeldtaal die recht doet aan de gelaagdheid van ingrijpende ervaringen. Want soms is wat niet in woorden past, juist het meest wezenlijk.
Mijn naam is Judith Bruynzeels.
Artistiek leider
Hazen steken hun kop niet in het zand.
Die waken onder de blote hemel,
in het open veld met de oren gespitst.